Allerzielen, 2 november, viel dit jaar op zondag. Voor deze dag mocht het Cantatecollectief maar liefst twee cantates uitkiezen. Dat werden “Wer weiß, wie nahe mir mein Ende” (BWV 27) en “Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit” (BWV 106). De laatste staat ook wel bekend onder de naam “Actus Tragicus”, de cantate die heden ten dage nog wel eens tijdens rouwplechtigheden te beluisteren valt. Bach maakte hem heel vroeg in zijn carrière volgens de deskundigen. Waar 106 duidelijk geschreven is voor na het sterven is 27 gemaakt voor tijdens het leven, vooruitblikkend op dat sterven. Het bekende “doodsverlangen” uit de tijd van Bach is het thema. Beide cantates vormen mooi setje voor dit nog lopende project.
We voerden BWV 27 op 2 november uit in de ochtenddienst in de goed gevulde Martinikerk in Franeker en ’s avonds in combinatie met BWV 106 in een herdenkingsbijeenkomst in de Jacobijnerkerk in Leeuwarden, eveneens goed bezocht.
Op zondag 16 november zijn beide cantates nog een keer te beluisteren in de provincie Groningen. ’s Ochtends om 11.00 uur in de Antoniuskerk in Kantens klinkt BWV 27. Voor de Actus Tragicus kunt u daarna om 15.00 uur terecht in de Kloosterkerk in Ten Boer. Met mooi weer een fietstocht van een uur. Beide cantates worden ingebed in een kerkdienstdienst.
Dit keer staat het Cantatecollectief onder leiding van Jelte Hulzebos. De solisten zijn: sopraan Maria van Santen, altus Albert Guiñón Fort, tenor Maarten Romkes en bas Sebastiaan van Leunen. De sopraan, altus en bas studeren aan het Prins Claus conservatorium.
